Tewerkstelling met dienstencheques

Derde kwartaal 2020

Periodiciteit: Kwartaal

Laatste updates: 24/02/2021

De dienstencheque werd ingevoerd voor de bevordering van buurtdiensten en -banen. De doelstellingen zijn het creëren van arbeidsplaatsen en het bestrijden van zwartwerk.

De dienstencheque maakt het voor particulieren die hun woonplaats in België hebben mogelijk om beroep te doen op werknemers van een erkende onderneming. In ruil voor de gepresteerde activiteit ontvangt de werknemer een dienstencheque die hij aan zijn werkgever (de erkende onderneming) bezorgt. De werknemer ontvangt dan van zijn werkgever een loon. De erkende ondernemingen onderscheiden zich op dit vlak niet van andere werkgevers: als arbeider krijgt de werknemer een loon in functie van de gepresteerde uren (in principe overeenkomend met de ingeleverde dienstencheques). Een bediendestatuut met een maandloon is ook mogelijk (alhoewel dit een uitzondering blijft).

Dienstencheques kunnen alleen gebruikt worden voor hulp van huishoudelijke aard. Daarmee wordt bedoeld:

  • Activiteiten bij de gebruiker thuis: het schoonmaken van de woning met inbegrip van de ramen, wassen en strijken, kleine occasionele naaiwerken en het bereiden van maaltijden,
  • Activiteiten buiten het huis van de gebruiker: boodschappen doen, begeleid vervoer van personen met beperkte mobiliteit en strijken met inbegrip van kleine occasionele verstelwerken.

De ondernemingen die kunnen toetreden tot het dienstenchequesysteem zijn zowel schoonmaak- en interimbedrijven als vzw's, ziekenfondsen, PWA's (Plaatselijke Werkgelegenheidsagentschappen), OCMW's (Openbare Centra voor Maatschappelijk Welzijn), ondernemingen met een sociaal doel en zelfstandige werkgevers die arbeiders aanwerven.

Voor de uitvoering van de door gebruikers gevraagde prestaties neemt de erkende onderneming werknemers in dienst. In principe komt iedereen in aanmerking voor een tewerkstelling in het kader van de dienstencheques. Ingeschreven zijn als werkzoekende is niet noodzakelijk.

Het systeem van de dienstencheques bestaat al langer. Er is echter pas vanaf het derde kwartaal van 2004 een code voorzien in de multifunctionele aangifte (dmfa) om aan te geven of bepaalde arbeidsprestaties betaald werden met dienstencheques. Voordien had men enkel zicht op deze vorm van tewerkstelling wanneer erkende interimkantoren personeel tewerkstelden in het kader van het dienstenchequesysteem.

De algemene spelregels voor het invullen van de dmfa-aangiften bepalen dat voor elke tewerkstelling van een werknemer een tewerkstellingslijn gecreëerd wordt. Zolang aan de modaliteiten van deze tewerkstelling niets wijzigt, blijft het bij deze ene tewerkstellingslijn. Voor een werknemer die door een dienstenchequebedrijf tewerkgesteld wordt bij een derde (de ‘gebruiker’) en waarvoor die gebruiker betaalt met dienstencheques, wordt dus een tewerkstellingslijn gecreëerd. daarbij wordt een specifieke code ingegeven voor de wijze van betaling voor deze dienstenchequetewerkstelling. De spelregels eisen dat als deze tewerkstelling stopt er een uitdienstdatum wordt ingevuld en de tewerkstellingslijn wordt afgesloten. gaat diezelfde werknemer een paar dagen later terug aan de slag bij dezelfde gebruiker (of bij een andere), dan wordt er opnieuw een tewerkstellingslijn aangemaakt met een nieuwe indienstdatum, enz… ook als de wijze van betaling wijzigt moet er een nieuwe tewerkstellingslijn gecreëerd worden. op deze wijze is het in theorie mogelijk om vrij gedetailleerde informatie te verwerven omtrent het gebruik van dienstencheques.

Er worden een aantal algemene statistieken gegeven over bij de rsz aangegeven tewerkstellingen via dienstencheques. de begrippen volgen de regels zoals beschreven bij de methodologie.

Enkele aandachtspunten voor deze statistiek:

  • een werkgever is in deze context elke werkgever die op zijn kwartaalaangifte (de multifunctionele of dmfa-aangifte) voor zijn arbeiders:
    • het specifieke werkgeverskengetal bestemd voor de dienstencheque-ondernemingen gebruikt, en/of
    • tewerkstellingslijnen opgeeft waarvan de betalingswijze aangeeft dat deze arbeid betaald is met dienstencheques.
  • De identificatiesleutel is het kbo-nummer (of het rsz-stamnummer indien geen kbo-nummer bekend is). de particulier die gebruik maakt van de diensten van werknemers in het kader van het systeem van de dienstencheques is bij de rsz niet bekend. er zijn dan ook geen statistische gegevens bekend.
  • Het gewest van tewerkstelling is het gewest van de vestiging van de onderneming waar (of van waaruit) de werknemer is tewerkgesteld. dit criterium volgt dezelfde regels als toegepast voor de ‘statistiek volgens plaats van tewerkstelling’. ook gelden dezelfde afspraken in verband met methodologie, en worden de gegevens op hetzelfde moment geactualiseerd als de gedecentraliseerde statistiek.
  • De dimensieklasse is de klassieke indeling van de werkgevers volgens grootte van de onderneming in functie van het aantal tewerkgestelde werknemers (op niveau van de onderneming – niet de vestiging, en niet enkel de dienstenchequewerknemers) tijdens het betrokken kwartaal. 

Statistieken over dienstencheques tot eind 2014

Sommige instanties hebben in functie van hun specifieke opdracht gegevens nodig die volgens specifieke regels verzameld moeten worden. Omdat deze tot en met het vierde kwartaal 2014 de enige basis waren om statistieken over dienstenchequetewerkstelling op te maken, waren de gepubliceerde gegevens eerder van administratieve aard, ook al volgden ze zoveel mogelijk de algemene regels van de andere RSZ-statistieken.

Statistieken over dienstencheques sinds 2015

Sinds 2015 zijn de gegevens over dienstencheques geïntegreerd in de statistische basisbestanden. Hierdoor worden wat de statistieken betreft nu volledig en consequent de statistische regels van de RSZ-statistieken gevolgd.

Er is dus een tijdsbreuk ontstaan in de statistieken. We hebben van de gelegenheid gebruik gemaakt om de statistieken te herwerken, rekening houdende met de opmerkingen van de gebruikers:

  • We presenteren de gegevens nog steeds onder vorm van tijdreeksen maar volgens andere verdelingscriteria. Zo zijn er bepaalde variabelen vervangen door andere.
  • We kunnen sinds het tweede kwartaal 2014 ook de effectieve plaats van tewerkstelling van de dienstenchequewerknemers weergeven. Dit is de vestigingseenheid van het bedrijf van waaruit de dienstenchequewerknemer naar de klant uitgezonden wordt, niet de plaats waar de prestatie effectief uitgevoerd wordt.
  • De gegevens voor de vier kwartalen 2014 zijn hernomen volgens de nieuwe regels en geven aldus een beeld van de afwijking met wat eerder werd gepubliceerd.

Raadpleeg de archieven tot en met 2014.