Arbeidsmarktanalyse - interactieve statistieken en snelle ramingen van de tewerkstelling

Eerste kwartaal 2021

Periodiciteit: Kwartaal

Laatste updates: 07/07/2021

De Arbeidsmarktanalyse geeft een beeld van de evolutie van de bezoldigde tewerkstelling in België.

De Arbeidsmarktanalyse bevat dynamische tijdreeksen die op beknopte wijze de evolutie van de loontrekkende tewerkstelling schetsen aan de hand van 3 facetten, het aantal personen die op het einde van het kwartaal zijn tewerkgesteld, het aantal arbeidsplaatsen op het einde van het kwartaal en het arbeidsvolume gedurende het kwartaal uitgedrukt in voltijdsequivalenten. De meer gedetailleerde analyse per kwartaal kan u terugvinden op de pagina Arbeidsmarktanalyse: gedetailleerde kwartaalgegevens.

In de snelle ramingen wordt reeds een inschatting gemaakt van het recentste kwartaal hernomen aan de hand van dezelfde indicatoren, maar op basis van nog niet volledige gegevens onder de vorm van een een nieuwsbrief en een aantal tabellen op "Meest recente gegevens". De vorige edities blijven downloadbaar in de archieven.

Kies de gewenste variabele


In de snelle ramingen wordt reeds een inschatting gemaakt van het recentste kwartaal hernomen aan de hand van van 3 facetten, het aantal personen die op het einde van het kwartaal zijn tewerkgesteld, het aantal arbeidsplaatsen op het einde van het kwartaal en het arbeidsvolume gedurende het kwartaal uitgedrukt in voltijdsequivalenten.

Arbeidsmarktanalyse voor het eerste kwartaal 2021

Ten opzichte van dezelfde periode in 2020 vertoonde de loontrekkende tewerkstelling in het eerste kwartaal 2021 een dubbel beeld. Het aantal jobs (arbeidsplaatsen) (+1,2%) en het aantal mensen met een job (tewerkgestelde werknemers) (+1,0%) was licht toegenomen, het gepresteerde arbeidsvolume (uitgedrukt in voltijdsequivalenten) was daarentegen licht gedaald (-0,9%). Dit heeft alles te maken met de effecten van de coronacrisis op de arbeidsmarkt.

De eerste lockdown zorgde in het eerste kwartaal 2020 voor een onmiddellijke daling van het aantal arbeidsplaatsen, door de stopzetting van zeer tijdelijke jobs (interim, gelegenheidswerknemers horeca,…). Ondanks de beperkingen in het eerste kwartaal 2021, was er toch een herstel bij de zeer tijdelijke jobs. Het jobverlies bleef zeer beperkt, onder meer door het gebruik van tijdelijke werkloosheid. Die tijdelijke werkloosheid zorgde wel voor een daling van het arbeidsvolume. In het eerste kwartaal 2020 was die daling nog beperkt doordat de coronacrisis zich pas aan het einde van het kwartaal manifesteerde. In het eerste kwartaal 2021 nam de daling van het arbeidsvolume maar licht in omvang toe.De tijdelijke werkloosheid deed zich wel voor gedurende het gehele kwartaal, maar was minder algemeen.

Coronacrisis en arbeidsmarkt

De volledige of gedeeltelijke sluiting van heel wat ondernemingen uit zich in hoofdzaak op twee manieren op de arbeidsmarkt: het toepassen van tijdelijke werkloosheid en het stopzetten of niet hernieuwen van tijdelijke contracten. Die fenomenen zijn beide zichtbaar in de cijfers, zij het op een andere manier.

Bij tijdelijke werkloosheid blijft de band tussen werknemer en werkgever behouden, maar worden geen of slechts gedeeltelijke prestaties verricht. Dat geeft een directe daling van het arbeidsvolume in voltijdsequivalenten.

Het stopzetten of niet hernieuwen van tijdelijke contracten geeft vooral in de sectoren waar veel zeer tijdelijke contracten voorkomen (uitzendsector, horeca,…) een onmiddellijke daling van het aantal arbeidsplaatsen. Omdat deze zeer tijdelijke jobs (zoals de flexi-jobs in de horeca) vaak bijkomende jobs zijn, is de daling van het aantal tewerkgestelde werknemers minder uitgesproken. Ook het verlies aan arbeidsvolume van deze jobs is eerder beperkt.

Sectoranalyse

 

Landbouw, bosbouw en visserij

In de land- en tuinbouw bestaat de loontrekkende tewerkstelling in belangrijke mate uit seizoensarbeid, in de vorm van gelegenheidsarbeid. Maatregelen werden genomen om het aanbod aan arbeidskrachten, dat in gewone tijden voor meer dan 75% uit het buitenland afkomstig is, op peil te houden. Het arbeidsvolume lag in het eerste kwartaal 1% hoger dan in het eerste kwartaal 2020.

Industrie en bouw

De industrie en de bouw behoorden in de eerste lockdown niet tot de sectoren die van overheidswege zijn gesloten. Wel was er in het eerste kwartaal 2020 al een beperkte daling van het arbeidsvolume. In het eerste kwartaal 2021 steeg het arbeidsvolume met 1,2%, vooral onder impuls van de bouwsector. De farmaceutische nijverheid kende een groei. Vooral de textiel- en kledingnijverheid en de sector ‘Vervaardiging van transportmiddelen’ bleven fors onder het niveau van 2019. Het aantal arbeidsplaatsen steeg globaal maar in beperkte mate (+0,4%).

Dienstverlenende sectoren

In de commerciële dienstverlening werden heel wat sectoren tijdens de eerste lockdown vanaf half maart 2020 gedwongen tot een volledige of gedeeltelijke sluiting: de horeca, de verkoop en herstelling van auto’s, de non-food-detailhandel, de reissector en de schoonmaakdiensten.

Doordat er meer werknemers met zeer korte contracten aan de slag waren, was er in het eerste kwartaal 2020 ook een grotere terugval in arbeidsplaatsen in de commerciële dienstverlening (-2,7%). Een deel van deze werknemers was in het eerste kwartaal 2021 opnieuw aan de slag, het aantal arbeidsplaatsen steeg globaal met 1,6%. De beperking van activiteiten heeft in 2021 echter impact op het volledige eerste kwartaal. Het arbeidsvolume daalde globaal (-3,5%), maar die daling zit in een beperkt aantal sectoren, met als uitschieter de horeca (-66%).  

In de niet-commerciële dienstverlening was er een lichte stijging van het aantal arbeidsplaatsen (+1,2%) en van het arbeidsvolume (+0,8%). Het waren vooral de sectoren ‘Kunst, amusement en recreatie, sport’ en de ‘Overige persoonlijke diensten’ die hun activiteiten moesten verminderen of volledig stopzetten. Het arbeidsvolume daalde er in het eerste kwartaal 2021 met respectievelijk -25,6% en -11% onder het niveau van 2020. De groei was er vooral in het onderwijs (+2% in arbeidsplaatsen en +2,5% in arbeidsvolume) en in de gezondheidszorg en maatschappelijke dienstverlening(+1,7% in arbeidsplaatsen, +2,6% in arbeidsvolume).

Uitzendarbeid

De vraag naar arbeidskrachten via uitzendarbeid herstelde sterk maar bleef nog onder het niveau van 2019. Eind maart 2021 werden in de uitzendarbeid wel 37% meer arbeidsplaatsen geteld dan eind maart 2020 (+33,7% bij arbeiders, +42,2%% bij bedienden), maar dat waren er minder dan eind maart 2019 (-6,1% bij arbeiders, -2,8% bij bedienden). Het arbeidsvolume in voltijdsequivalenten daalde nauwelijks ten opzichte van het eerste kwartaal 2020 (-0,2% ; -1,3% bij arbeiders, +1,5% bij bedienden) maar bleef sterk onder het niveau van het eerste kwartaal 2019 (-8,5%; -10% bij arbeiders, --6% bij bedienden.

Privé versus overheid

 

De toename in het aantal arbeidsplaatsen vond zowel plaats in de privésector als in de overheidssector. In de privésector is de toename vrijwel volledig toe te schrijven aan de interim- en gelegenheidsarbeid.

De terugval van het arbeidsvolume deed zich volledig voor in de privésector (-1,9% in arbeidsvolume). In de  overheidssector was er een stijging van het arbeidsvolume (+1,6%%) die zich voornamelijk voordeed  bij de voltijdse jobs.

Werknemersprofiel

 

De toename van het aantal arbeidsplaatsen was even sterk bij mannen als bij vrouwen. De terugval van het arbeidsvolume was sterker bij mannen (-1,4% in arbeidsvolume) dan bij vrouwen (-0,3%).

De toename van het aantal arbeidsplaatsen was het sterkst in de leeftijdsgroepen 25-39 jaar en 50-64 jaar. De daling van het arbeidsvolume was vooral aanwezig in de jongste leeftijdsgroepen (-4,8% bij de jongeren onder 25 jaar, -1,3% bij de groep van 25 tot 39 jaar en -1,2% 40 tot 49 jaar).

De toename van het aantal arbeidsplaatsen kwam vooral ten goede aan de inwoners van het Vlaams Gewest (+1,4%) en Waals Gewest (+1,2%). Voor de inwoners van het Brussels Gewest bleef het aantal arbeidsplaatsen status-quo. De terugval van het arbeidsvolume gold vooral de inwoners van  het Brussels Gewest (-4%). Het arbeidsvolume van de inwoners van het Vlaams Gewest en het Waals Gewest daalde in gelijke mate (-0,6%). De inwoners van het Brussels Gewest zijn relatief gezien meer tewerkgesteld in sectoren die getroffen werden door de coronamaatregelen (rechtsreeks door opgelegde sluiting en onrechtstreeks door beperking pendelwerknemers en internationale reizigers).

Meest recente gegevens


 

Tijdreeksen voorgaande kwartalen


Kies de gewenste variabele

Kies de gewenste meeteenheid

Kwartaal/kwartalen

    De informatie heeft betrekking op alle werkgevers en werknemers die onder de Belgische sociale zekerheid vallen. Behoudens een aantal uitzonderingen (internationale akkoorden, bilaterale conventies) is het Belgische socialezekerheidsstelsel van toepassing op iedere werknemer die prestaties verricht op het Belgische grondgebied voor een werkgever die in België is gevestigd, maar ook voor werkgevers in het buitenland die een exploitatiezetel in België hebben waar de werknemer afhankelijk van is.

    Als basis voor de tijdsreeks worden de gegevens van de administratieve databank gebruikt zoals die ongeveer 20 weken na het verstrijken van het kwartaal opgeslagen zijn. Voor de schatting van de meest recente gegevens wordt gebruik gemaakt van minder volledige gegevens, ongeveer 10 weken na het verstrijken van het kwartaal opgeslagen zijn. Van de mogelijk nog ontbrekende aangiften wordt een inschatting gemaakt op basis van de werknemersstromen. Voor ontbrekende aangiften wordt een raming gemaakt op basis van de aangiftes van voorgaande kwartalen.

    Van zodra voor het meest recente kwartaal 20 weken verstreken zijn, worden de volledigere gegevens verwerkt en worden deze in de tijdsreeks opgenomen.

    De variabelen zijn:

    • aantal arbeidsplaatsen,
    • aantal tewerkgestelde werknemers,
    • het arbeidsvolume in voltijdsequivalenten.

    De classificatiecriteria zijn:

    • hoedanigheid (arbeider, bediende, ambtenaar),
    • type arbeidsprestatie (voltijds, deeltijds,..),
    • sectorgroep op basis van het paritair comité,
    • leeftijd,
    • geslacht,
    • woonplaats,
    • economische activiteit,
    • sector (privé/overheid),
    • dimensie van de werkgever.

    Raadpleeg meer gedetailleerde omschrijvingenvan deze variabelen en criteria op de pagina Globale methodologie van de RSZ-statistieken.

    In alle tabellen zijn gegevens van voorgaande kwartalen opgenomen. De vergelijking van de gegevens op jaarbasis biedt een beeld van de trend, terwijl de vergelijking met de voorgaande kwartalen ook beïnvloed wordt door seizoenschommelingen. Bij de vergelijking met vroegere kwartalen moet verder ook rekening gehouden worden met wijzigingen in de administratieve procedures en verschuivingen tussen privé- en overheidssector en tussen activiteitssectoren als gevolg van activiteitswijziging, transferten, splitsingen of fusies van ondernemingen.


    Kies een formaat